Open Monumentendagen 2016 in Leiden

Op 10 en 11 september hadden zo’n vijftig monumenten in de Leidse binnenstad hun deuren voor het publiek opengezet. Nieuwsgierig naar het inwendige van de oude universiteitsbibliotheek aan het Rapenburg, naar wellicht de oudste boekhandel van Nederland en het voormalige antiquariaat van Brill op de Nieuwe Rijn ging ik op pad. Drie keer in de boeken dus. Bij de laatste wilde ik beginnen maar drukte: ik kreeg een kaartje dat ik pas over twee uur welkom was.

Dus dan maar eerst naar de oude UB. Waar niet veel aan mijn nieuwsgierigheid te doen was. Want je kon om het gebouw heen lopen en je mocht in de hal komen, waar het Leiderdorps popkoor zijn best deed, maar verder bleef alles potdicht.

Maar je kunt ook in de grote stadstuin komen via de zijkant. Je passeert dan drie al enkele malen gerenoveerde huisjes van het vroegere Begijnhof, waarvan nu nog wat resten. Toen de begijnen waren verdwenen hebben het gebouw en de kapel meerdere bestemmingen gehad. Er is hier al eerder uitgebreid over geschreven, dus wie het precies wil weten, klik hier.

Op naar de Nieuwstraat, hoek Salomonsteeg. Duizend keer langs gelopen, maar nooit binnen geweest, ofschoon het een vrij unieke boekhandel is van maar liefst 644 jaar oud.

In 1372 stichtte Philips van Leiden in de Tuin van Salomon een openbare bibliotheek met deze naam. In 1592 werd het terrein tussen Pieterskerkhof en deze tuin opgesplitst en bebouwd waardoor de Salomonsteeg ontstond. In 1765 kocht architect Van Warendorp het hoekhuis en gaf het een nieuwe voorgevel. Vanaf 1894 is hier het antiquariaat Burgersdijk & Niermans gevestigd. Voor de open dag waren alle boeken over tennis tentoongesteld. Waaronder dit merkwaardige exemplaar.


Tot slot naar de Nieuwe Rijn om het oude antiquariaat van Brill te bezoeken. Zo mooi als op de foto die ik vorig jaar nog vanaf het dakterras van V&D kon maken, ziet het er nu niet uit. (Achter de huizen zie je de burchtheuvel.)

Het gebouw wordt grondig gerenoveerd, is voorzien van een plastic voorgevel en is van binnen volledig gestript. Een gids vertelde enthousiaste verhalen, maar weinig nieuws onder de zon. Dat het huis in 1766 is afgebrand maar door goede gaven van de bewoners weer is opgebouwd, ach, daar hoefde ik geen twee steile trappen voor op om dat aan de weet te komen. Dat staat gewoon met grote letters op de gevel te aan de buitenkant te lezen… Op de gravure kun je zien hoe het er vroeger uit zag. Op beide afbeeldingen is het pand te herkennen aan de nog steeds aanwezige hengelaar.

Geplaatst in Cultuur, Stad en land | Tags: , , , , | 10 reacties

Een stukje singelpark

In 2012 lanceerde Leiden een fantastisch plan: een park langs de zeven singels die rondom het oudste gedeelte van de stad liggen. Het zou het langste park van Europa moeten worden van maar liefst 6,7 kilometer lang. Ook de Hortus Botanicus werd in het plan opgenomen. Menig Leidenaar dacht: eerst zien, dan geloven; wat ambitieus weer allemaal. Maar nu, in 2016, is men op meerdere plekken druk bezig met verbindingsbruggen bouwen zodat men de wandeling ononderbroken door het park kan maken. Ik heb hier in 2012 al uitgebreid over bericht, dus wie er meer over wil lezen en zien, kan de plannen met een klik hier bekijken.
In het plantsoen aan de Zoeterwoudsesingel is inmiddels een fontein toegevoegd en de bruggetjes zijn voorzien van bloembakken, die wonder boven wonder door de Leidse lieverdjes met rust worden gelaten. Veel hoeft daar verder niet meer te gebeuren. Hieronder een zomerse foto-impressie.





Geplaatst in Stad en land | Tags: , , | 16 reacties

Hork

Er fietste me een jonge vrouw tegemoet met twee kinderen van een jaar of zes, zeven in haar bakfiets. Ik zag vanaf de stoep dat ze werd ingehaald door een man. Toen hij haar tot vlakbij genaderd was riep hij: ‘Hé Jozien*, hoe is het allemaal afgelopen?’ Ze hield iets  in en half over haar schouder antwoordde ze met ruim voldoende decibellen waardoor ik het ook kon horen: ‘Mijn baarmoeder is eruit! En ook mijn eierstokken! De hele flikkerse boel!’ ‘Oké’, riep de man en fietste haar voorbij. ‘Tot ziens maar weer’. Alsof je de krant openslaat, leest dat er bij een aardbeving tienduizend mensen zijn omgekomen en dan meteen weer doorbladert naar de sportpagina. Alsof je een muisje overrijdt, even denkt ‘ach, een muisje’, terwijl je zojuist de hele familie Mickey in diepe rouw hebt gedompeld, alsof… afijn, we hebben hier duidelijk te maken met een man die grenzen stelt aan zijn empatische gevoelens.
Maar hij draaide zich toch nog even om en riep: ‘Gelukkig heb je die twee al!’  Een zoutmijn in de wond… Ik moest even iets wegslikken. Toen de man was doorgereden, riep ze naar mij: ‘Dat zijn verdomme mijn buurkinderen… De lul!’

Zo’n man zou onmiddellijk geteleporteerd moeten worden naar de pas ontdekte planeet Proximax b. Want daar schijnt leven mogelijk te zijn voor eencelligen.
 *De naam is veranderd.

Geplaatst in Allerlei, Cultuur, Stad en land | Tags: , | 17 reacties

Een mooie slagzin…

Soms kan iets toch op een vreemde manier associaties oproepen. Ik zag ergens de datum  1-1-11. Vier enen dus. Niet alleen bedenk je dan dat de laatste keer dat zoiets voorkwam meer dan tien jaar daarvoor was (9-9-99) en dat we over zes jaar 2-2-22 hebben, maar ook dat er op de Haarlemmerstraat 111 in Leiden ooit een winkel was die zich De Drie Enen noemde, een zaak die in behang deed.
Je associeert verder: een ander mooi nummer is Breestraat 123. Vroeger was hier de fotozaak van Wolfslag gevestigd, dus was zijn slagzin: voor foto’s een, twee, drie naar Breestraat een twee drie. Deze Wolfslag was voorzitter van een landelijke club van fotohandelaars. Toen ik een jaar of zestien was ging ik naar de Leidato, een beurs voor de nationale detailhandel, in de Stadsgehoorzaal in Leiden. Daar had deze club een stand en ze hielden een slagzinnenwedstrijd.

Gevraagd: een slagzin waaruit natuurlijk moest blijken dat fotograferen heel belangrijk was. Tijdens de beurs dacht ik erover na en bij de uitgang vulde ik het formuliertje in. Ik dacht wel een aardige zin te hebben. Ik viel dan ook in de prijzen, al was het dan maar een troostprijsje: een doosje met dameszakdoekjes. Daar kon ik niet zo veel mee dus dat gaf ik aan mijn moeder.
Enkele jaren later kwam de nationale fotohandel met een slogan die jaren werd gevoerd: ‘Foto’s onthouden wat mensen vergeten’. Dat was potverdorie mijn slagzin! Voor de prijs van een doosje zakdoekjes zijn ze zo dus aan deze prachtige slogan gekomen!

Geplaatst in Allerlei, De media, Stad en land | Tags: , , , | 17 reacties

Hoe veilig is Ameland eigenlijk?

Ik werd wakker en voelde me heel vrolijk. Daar kun je nu eenmaal niets aan doen, dat overkomt je gewoon. Ik pakte de ochtendkrant en onmiddellijk schaamde ik me dood voor al die vrolijkheid want daarin stond weer eens zo’n stukje over de toenemende onveiligheid in ons land. Ik had steeds verondersteld dat we hier in het paradijs op aarde woonde vergeleken met al die landen in Azië waar je toch wat minder gerieflijk woont dan hier. Het bericht in de krant werd gestaafd aan de hand van het aantal wapenvergunningen in ons land per gemeente. Dat lijkt me niet de enige graadmeter. Maar wie ben ik, dus laten we dat dan maar eens bekijken. Woon ik in mijn woonplaats Leiden nog een tikkie veilig, dacht ik nogal egoïstisch? Dat valt me behoorlijk mee. Er blijken hier namelijk 581 wapenvergunningen te zijn afgegeven, dus grofweg vijf op de duizend inwoners, waarbij baby’s en grijsaards worden meegerekend, want je weet het bij die groepen maar nooit.
De telling is verricht bij 415 gemeenten en op die lijst staat Leiden met die 581 op de 359e plek. Lekker laag dus. Maar ja, één gek is al meer dan genoeg is al vaak gebleken.
Als deze telling echt de graadmeter zou zijn, zou Ameland verreweg het gevaarlijkste stukje Nederland zijn: maar liefst 78 wapens per duizend inwoners. Ook de andere waddeneilanden scoren heel hoog.
De in grootte met Leiden vergelijkbare plaats Haarlem staat op de 364e plek. Met meer wapens per duizend inwoners kom je dus op een lagere plaats van de veiligheidsranking terecht. Opvallend is dan dat in de grootste steden van ons land het aantal inwoners met een wapen per duizend het laagst is. Daardoor neemt Utrecht plek 406 van de 415 in, Rotterdam 384, Amsterdam 374 en Den Haag 364.
Van deze vier steden is de Domstad dus het veiligst en Den Haag het gevaarlijkst. Maar wel allemaal stukken ongevaarlijker dan de kleinere steden Leiden of Haarlem. Althans volgens onze cijferaar, zo’n wereldvreemde grijze muis op een ministerie die daar in een stil hoekje dagelijks met zijn computertje zit te spelen, werkend aan de op zijn schouders rustende verplichting tot aan zijn pensioen iedere maand een zinnig lijkende statistiek af te scheiden omdat hij daar de enige is die Windows Excel een beetje beheerst.
Maar: wat heb je aan dergelijke statistieken. De conclusie zou moeten zijn dat je maar beter niet meer naar het inferno Waddeneilanden kunt gaan omdat dan de kans bestaat dat je wordt opgepakt wegens roekeloos gedrag. En dat dan niet wegens de kans op tekenbeten, zwemmerseczeem of losliggende stoeptegels. Al word je natuurlijk wel nieuwsgierig, want waar hebben die mensen daar al die wapens toch voor nodig? Om te oefenen voor de schiettent op de kermis? Om op cranberry’s te schieten? Wie het weet mag het zeggen, maar dat hoeft niet. Al wil ik het wel graag weten. Zo, en nu ga ik weer snel in de schuilbunker.

Geplaatst in Allerlei, Stad en land | Tags: , , | 14 reacties

Laatste Oordeel op reis

In universiteitsbibliotheken over de hele wereld liggen boeken waarin zaken uit de Leidse geschiedenis zijn opgeschreven. Via Google Books kun je vaak ongelimiteerd neuzen in deze stof en vaak zelfs hele boekwerken gratis downloaden als de datum voor de auteursrechten zijn verstreken. Zo kun je ze toevoegen aan je eigen digitale bibliotheekje. En dat is iets wat Tagrijn erg graag doet. Gelijk veiligstellen in de cloud zodat het bij een computercrash niet verloren gaat. Zo stuitte ik op een aardig boekje in de bieb van Harvard over een drukkerij in het Leidse stadhuis. Na de val van de toren van de Pieterskerk in 1512 werden de volders die op de Langebrug (voorheen Voldersgracht) werkzaam waren, verplicht te redden wat er te redden viel en zo belandden heel wat zaken vanuit de Pieterskerk, via de woning van de schout, in het stadhuis.

Ik had dit nog nooit in een van de boeken over Leiden gelezen en het was voor mij een openbaring die mij uitnodigde verder te lezen. Een moeizaam karweitje want de scan was op veel plekken niet al te best. Het stadhuis was ook later nog eens een reddingspost voor zaken uit de Pieterskerk. Een paar dagen voor de beeldenstorm in 1566 liet iemand zich ontvallen dat het de bedoeling was alle beelden en andere religieuze uitingen in de toen uiteraard nog roomse Pieterskerk te vernietigen. Daar bevond zich ook Het Laatste Oordeel, het beroemde drieluik van Lucas van Leyden dat dankzij een onbekende klokkenluider op tijd kon worden overgebracht naar het stadhuis, zo werd gered en daardoor tot voor kort in de Lakenhal te bewonderen was. Was, want een grote verbouwing en uitbreiding van dit museum heeft Het Laatste Oordeel voor een tijdje naar het Rijksmuseum in Amsterdam verdreven. Dus wie dit beroemde drieluik wil zien kan vanaf 23 augustus tijdelijk in de Eregalerij van het Rijks terecht.

Geplaatst in Cultuur, Stad en land | Tags: , , , , , | 11 reacties

Even uit m’n nek kletsen…

Als je er een beetje oplet, hoor je jezelf en anderen soms de merkwaardigste dingen zeggen. Zo zei iemand me gisteren: ‘dat is nu eenmaal een ongeschreven wet’. Opeens vroeg ik me af: hoeveel ongeschreven wetten zijn er eigenlijk? En waarom is nog nooit iemand op het idee gekomen die toch eens allemaal op te schrijven? Zo’n wetboek wordt een bestseller.
Een ander zei: daar wil ik haring of kuit van hebben. Die haring kan ik me dan nog wel voorstellen maar wat moet je in hemelsnaam met die kuit?
Ik weet waar Abraham de mosterd haalt, zei iemand. Nou en, fijn voor je, dacht ik. Ik weet waar mijn oom Kees zijn kaas koopt. Maar waarom zou een ander dat ook moeten weten.
Wie met iemand nog een appeltje te schillen heeft, kan dat niet in België; je kunt daar nog wel een eitje met hem pellen.
De miljonair koos eieren voor zijn geld, las ik in de krant. Even rekenen: daardoor hij zit hij nu dus met vier miljoen eieren opgescheept. Sufferd.
Die kerel heeft een luizenleven…. Maar wat heeft een luis voor een leven dat dat zo fijn is?
Als je naam haas is, ben je altijd het haasje maar gelukkig weet je van niets.
Dat is een waarheid als een koe. Hoezo? Wat is er zo waar aan een koe? En waarom niet als een paard of als een varken?
Lang zal hij leven in de gloria. De gloria? Waar leeft hij dan?
Jan ziet er geen been in. Nee, en ook geen arm of knie of rug. En Piet ziet er geen brood in. Zeker nog nooit in een bakkerswinkel gekeken.
Waar slaat dit op? En waarom zien onze zuiderburen er wel been in, maar geen graten? En welk been is nu eigenlijk dat verkeerde been waarmee je uit bed kunt stappen? Links of rechts?
Als je het buskruit niet hebt uitgevonden, ben je niet zo snugger. Maar geen enkele aardbewoner van vandaag heeft het buskruit uitgevonden. Dus wat een onnozelaars zijn we toch met z’n allen.
Misschien vind je nu dat ik toch behoorlijk uit mijn nek klets. Als een spreker dat doet moet hij met zijn rug naar de microfoon gaan staan.
En zo zou ik best nog even kunnen doorgaan. Op dit stukje heb ik vanmiddag peentjes zitten zweten, dus vanavond eet ik hutspot.

Geplaatst in Allerlei, Diversen | 15 reacties

Zaanse schans in olieverf


Zo’n twee jaar geleden bracht ik een bezoek aan de Zaanse schans. Zoals gebruikelijk kwam ik weer met een toestel vol foto’s terug. Soms gebruik ik er dan een of meer om daar ooit nog eens een schilderijtje van te maken. Ik zocht een weiland uit met een niet helemaal bewolkte lucht erboven. Want wat mij trof was de streep zonlicht die door de wolken heen op het land viel. Omdat de wolken zacht voorbij trokken, verplaatste ook die gele lichtstreep zich.

Materiaal: canvasplaat met een onderschildering van acryl en daarboven olieverf; het formaat 50 bij 40.

Geplaatst in Expo | Tags: | 17 reacties

Warm hè?

‘Warm hè?’, zegt ze.
‘Nou, poeh, warm’, zegt hij.
Ze zitten naast elkaar op een bankje in het park.
Even overdenken ze allebei hoe warm het wel niet is.. Dan zegt zij: ‘ ’t is hier altijd hollen of stilstaan’.
‘Ja’, zegt hij, ’t is hier altijd hollen of stilstaan.’
Het is een behoorlijk bejaard echtpaar, dat nu in het park even uitrust van al die jaren dat ze als echtpaar al samen hebben doorgebracht. Samen zij ze zeker al langer dan een eeuw getrouwd. Dan raken de woorden wel op. Alles is dan zo zachtjes aan tussen hen gezegd.
Nadat ze een paar minuten zwijgend naast elkaar hebben gezeten, zegt zij: ‘wil jij je boterham al?’
‘Ach ja’, zegt hij, ‘geef me mijn boterham maar.’
Ze opent het tasje van de Lidl en pakt er een plastic zakje met brood uit. Ze geeft hem zijn boterham. ‘Ik heb er maar iets fris tussen gedaan. Want met die hitte gaat die kaas zo zweten.’
‘Ja’, zegt hij, ‘kaas gaat altijd zweten als het zo warm is’.
Zwijgend kauwen ze hun brood weg. Een paar mussen komen brutaal dichterbij om de op de grond gevallen kruimels op te pikken.
‘Brutaal die mussen’, zegt hij.
‘Ja hè, heel erg brutaal’, beaamt zij.
Als het brood op is blijven ze nog even rustig zitten en dan neemt de man het initiatief: ‘Zullen we maar weer eens opstappen?’
‘Ach ja’, zegt ze, ‘laten we maar weer eens naar huis gaan. ’t Is wel weer mooi geweest’.
‘Daarom. Het is wel weer mooi geweest’, zegt de man en staat op.
Daar gaan ze. Ik kijk ze na. Een echtpaar op weg naar een mooie toekomst. Op weg naar nieuwe, spannende avonturen.

Geplaatst in Allerlei, Verhalen | Tags: , , , | 16 reacties

Gerrit zag ze al vliegen…

Een paar dagen geleden deed een voorval me opeens weer aan Gerrit denken. Gerrit was als psychiatrisch patiënt opgenomen in Endegeest bij Leiden. In die tijd heette dat nog gewoon gekkenhuis. Hoort in het rijtje woorden die je vroeger nog mocht zeggen. Gerrit heette trouwens echt Gerrit en ik heb die naam dus niet bedacht omdat er een uitdrukking ‘gekke gerritje’ bestaat. Ik was nog jong en woonde bij mijn ouders thuis in de Gerard Brandtstraat, niet zo ver van Endegeest; dus ik liep er af en toe wel eens langs. De mannen kwamen dan naar het hek en bietsten om sigaretten. Als ze de brand in hun gegeven peuk hadden gestoken liepen ze verder, maar Gerrit bleef staan. En daar kwam z’n verhaal weer.
‘Ik heb ze gisteren weer gezien’, begon hij dan, ‘ik moest bukken, zo laag vlogen ze, knotsen van vogels, hartstikke rood en groene vleugels. Gevaarlijk hoor!’ Ik knikte begrijpend. Bij ieder bezoek namen de beesten in grootte toe en kregen ze de omvang van de T-Rex die nu in Naturalis wordt opgebouwd.
En daardoor moest ik van de week plotseling weer aan Gerrit denken. Bij het witte kerkje op de hoek van de Cronesteynkade en de Zoeterwoudsesingel stond een opgewonden groepje jongens. Roepend en wijzend en allemaal een smartphone in de aanslag.
‘Toch moet ie daar zitten’, riep er een. Ik keek in de aangegeven richting maar zag niets.
‘Misschien is ie nu wel de kerk in gegaan’, opperde een ander. Maar een derde sprak dat tegen. ‘Nee joh, dat doen ze nooit’.
Nadat ik nog even even was blijven staan, vroeg ik een van hen waar ze naar zochten. ‘Pikachu, meneer, hij moét hier zitten.’
Plotseling viel bij mij het kwartje, wat op zich al heel bijzonder is in het tijdperk van de euro.
Het is een spelletje van Pokémon dat je met je telefoon kunt spelen. Zo’n virtueel manneke kan overal opduiken en de speler moet hem dan maar zien te vinden. Tja, je kunt ze dus ook zien vliegen als je niét in een inrichting zit.
Toen ik verder liep betrapte ik me erop dat ik zacht een oud liedje van Ronnie en de Ronnies neuriede: ‘Weet je wat ik zie als ik gedronken heb, nou, nou, allemaal beestjes, allemaal beestjes, om me heeheeheen.’ (Eerlijk is eerlijk, de naam van dit groepje moest ik wel weer even opzoeken!)
En ik realiseerde me dat we toch nog niet zo heel ver van onze primitieve voorvaderen afstaan en dat ons jachtinstinct nog springlevend is. Die jongens zijn, zonder het te beseffen, opgesloten in het digitale gekkenhuis dat smartphone heet. En veel verschil met Gerrit, die ze ook zag vliegen, is er niet.

Geplaatst in Allerlei, Cultuur, De media | Tags: , , | 17 reacties